Gezelschapsdier of voor de sier?

1 maart 2019

Bewuste en onbewuste gedachten over honden bij jongeren

Hondenbezit kan een meerwaarde zijn, maar jaarlijks gaan er nog vele duizenden honden in Nederland naar het asiel. Meer kennis over hoe mensen naar een hond kijken, kan mogelijk inzicht geven in waarom het soms zo goed gaat tussen mens en hond… en soms zo misloopt. Maakt het bijvoorbeeld uit of je de hond als gezelschapsdier ziet? Of meer als ‘voor de sier’? Bepaalt dit de band met de hond of de geboden zorg? Op veel vragen hebben we niet afdoende antwoord. De Hondenbescherming vroeg daarom SHIFT Gedragsverandering in Nijmegen bij jongeren te onderzoeken hoe zij, bewust en onbewust, naar de hond kijken. Juist jongeren zijn immers de hondenhouders van de toekomst. Het onderzoek is een eerste stap waarop veel onderzoek mag volgen, wat betreft de Hondenbescherming.

Het onderzoek

Middels een impliciete associatietest (IAT) toetste Shift hoe sterk de associatie tussen gezelschap en hond versus imago en hond was bij 91 jongeren tussen 12 en 18 jaar. Er werd gekozen voor jongeren omdat zij toekomstige hondenbezitters zijn en beïnvloed kunnen worden vóórdat ze een hond aanschaffen. Na de IAT-test werd een aantal vragen in een korte vragenlijst aan de jongeren voorgelegd. Daarbij werd ook gevraagd naar de (meer bewuste) gedachten bij hondenhouderschap.

Waarom kijken naar onbewuste gedachten?

Mensen weten vaak niet waarom ze bepaalde dingen doen: 95 procent van ons gedrag is onbewust. We denken dus bijna nooit bewust na over wat we doen. Gedrag wordt vaak gedreven door emoties, gewoontes en impulsen. Wanneer we willen achterhalen waarom mensen een hond aanschaffen, kan het daarom onverstandig zijn alleen een vragenlijst te gebruiken. Bij het beantwoorden van een dergelijke vragenlijst, is de kans groot dat gegeven antwoorden geen rekening houden met onbewuste gedachten zoals met betrekking tot aanschafredenen. De IAT-test biedt een andere manier om te bestuderen waarom mensen een hond aan te schaffen.

Wat is er onderzocht?

Met behulp van de IAT-test werd onderzocht of deelnemende jongeren een hond kiezen als maatje en als gezelschap of juist meer als een wijze om indruk te maken op hun omgeving. Daarnaast werden algemene gegevens en hondgerichte gegevens uitgevraagd, zoals leeftijd en opleidingstype, of deelnemers eerder een hond hadden, of ze een hond zouden willen hebben en waarom.

De resultaten

Het onderzoek had 91 deelnemers tussen de 12 en 18 jaar, 51 procent man en 49 procent vrouw, 28 procent van de deelnemers was theoretisch opgeleid en 72 procent was praktisch opgeleid. De helft (51 procent) had al een hond en 85 procent wilde (nog) een hond.

Uit de IAT-test kwam naar voren dat onder de onderzochte jongeren, gemiddeld een sterkere associatie is met indruk maken op de omgeving en het begrip hond, dan met gezelschap en het begrip hond. Als bewuste reden voor het aanschaffen of hebben van een hond noemden echter alle deelnemers ‘gezelschap’. De deelnemers lijken zich dus minder bewust van de drijfveer ‘indruk maken’ als ze een vragenlijst invullen of zijn minder geneigd dit antwoord bij een vragenlijst in te vullen.

Implicaties

Onbewuste gedachten spelen dus mogelijk een rol bij de aanschaf van een hond. Dit vraagt om meer en wetenschappelijk onderzoek. Ook lijkt het van belang daarbij niet alleen uit te gaan van vragenlijsten, maar ook onderzoeksmethoden toe te passen die onbewuste gedachten en gedragsbeïnvloedings aspecten inzichtelijk maken. De Hondenbescherming hoopt dat dergelijke inzichten in de toekomst bijdragen aan betere aanschafkeuzes. Betere aanschafkeuzes die leuker samenleven voor mens en hond mogelijk maken.

Universiteit Utrecht, faculteit Diergeneeskunde heeft bij het nadenken over dit onderwerp een belangrijke bijdrage geleverd, waarvoor de Koninklijke Hondenbescherming de organisatie en Nienke Endenburg zeer erkentelijk is.

Terug naar nieuwsoverzicht