Kapot van verveling - column

7 mei 2016

Mevrouw sleept een grote zak voer uit de kelderkast. De inspecteur geeft aan dat dat echt niet hoeft. Maar mevrouw wil zo graag laten zien dat ze van haar hond houdt. ‘Hier, kijk maar, echt het beste van het beste hoor, dit voer!’ De inspecteur knikt, glimlacht, wil haar niet voor het hoofd stoten, maar hoe kan hij zijn boodschap goed voor het voetlicht brengen?

Hij probeert het nog een keer. ‘Mevrouw, ik ben blij dat u uw hond goed voer geeft. Daarvoor ben ik niet hier. Uw hond heeft meer nodig dan water en goed voer. Daarom ben ik langsgekomen. Kijk, die wond aan zijn voorpoot, dat komt door langdurig knagen aan die poot, de hond likt het kapot…’ Mevrouw onderbreekt hem gefrustreerd: ‘Ik weet dat hij zijn poot kapot maakt, als ik dat zie, straf ik hem daarvoor, hij mag dat niet doen, maar ik kan dat toch ook niet helpen.’ Terwijl ze de zinnen uitspreekt, gaat ze steeds harder praten. De inspecteur probeert het nu ook op luidere toon: ‘U hoeft hem daarvoor niet te straffen, dat helpt niet. Het gaat er om dat hij te weinig te doen heeft en te veel stress ervaart van het alleen zijn en daar opgesloten worden.’

Hoe jammer ook, harder praten helpt niet om gehoord te worden. Was het maar zo simpel. De hondenbezitster houdt van haar hond, wil dat dat gezien wordt. Ziet niet in dat goede zorg voor een hond uit meer bestaat dan voeren, drenken, zorgen dat het dier zijn behoefte kan doen. Een hond is meer dan een lichaam dat in leven gehouden moet worden. Een hond heeft ook (gedrags)behoeften. Hij wil gezelschap, vermaak, hij moet uit, wandelen, bewegen, positieve uitdagingen voorgelegd krijgen.

De inspecteur die bij de hond geroepen is, vanwege een ernstige verwonding aan de poot van de hond, weet dat het lot van de hond bepaalt wordt door de mate waarin hij tot de vrouw kan doordringen. Een verwonding die is ontstaan doordat de hond zichzelf beschadigd, uit verveling, uit stress, door afwijkend gedrag. De hond krijgt zijn natje en droogje, maar zijn leven is te karig. Hoe maakt hij duidelijk aan de vrouw dat haar hond letterlijk kapot gaat van verveling? 

Dan valt zijn oog op het kleine plaatsje achter het huis. De plek waar de hond hele dagen alleen zit te wachten tot er iemand thuis komt. De plek waar de hond zijn leven slijt. ‘Mevrouw, mag ik u iets vragen?’ Mevrouw kijkt hem aan, hij heeft haar aandacht. ‘Nu de zon zo lekker schijnt he, zit u dan wel eens buiten, daar, waar de hond zit?’ Mevrouw knikt van nee. ‘Zou u eens willen proberen hoe het voor uw hond is, om daar te zijn? Ik zet deze stoel voor u in het zonnetje. Doe de deur van de keuken dicht en ga met uw hond een rondje lopen. Als het kan, laat ik meteen naar de wond kijken. U blijft lekker in de zon zitten en gaat ervaren hoe het voor uw hond is daar te leven, of liever… te verblijven.’

Mevrouw kijkt hem aan alsof hij gek is geworden, maar na wat overreding, wil ze het wel proberen. De zon schijnt heerlijk en ze wil graag laten zien dat ze echt wel iets voor haar hond overheeft. De inspecteur zet de stoel in de tuin, neemt de hond mee voor een wandeling in het schaduwrijke park vlakbij en gaat meteen ook met de hond langs de dierenarts om de wond te laten verzorgen. Zo doden ze flink wat tijd en bij terugkomst bij mevrouw, heeft deze het betegelde tuintje verlaten. ‘U zit niet meer in de zon?’, vraagt de inspecteur. ‘Nee’, zegt mevrouw, ‘eventjes zat ik wel lekker, maar na een kwartiertje werd het wat saai en nog wat later zat ik me simpelweg kapot te vervelen….’ 

Terug naar nieuwsoverzicht