Een andere kijk op zelfbelonend gedrag

27 maart 2016

Zelfbelonend gedrag. Elke hondenliefhebber en -trainer is er beducht voor. Zelfbelonend gedrag (gedrag dat zich beloond ziet door de uitvoering ervan, meer dan door het verkrijgen van iets dat het dier direct nodig heeft) moet in de kiem worden gesmoord. Anders zit je met een onaangepaste, onopgevoede hond. Een hond die de opdrachten van de baas negeert.


Zelfbelonend gedrag is belangrijker dan we beseffen

Nu is het ook zo dat we alert moeten zijn op zelfbelonend gedrag. Simpelweg omdat het vaak maatschappelijk risico geeft. Of omdat het bij een werkhond een stabiele uitvoering van de taak flink kan verstoren. Maar, er is een maar… zelfbelonend gedrag kan voor een hond erg belangrijk zijn. Heel basaal genomen, kun je namelijk twee soorten gedragsmotivaties onderscheiden:

- gedrag dat het verkrijgen van een beloning als doel heeft (‘appetitive behavior’, ‘wanting system’)

- gedrag dat als belonend ervaren wordt (‘consummatory behavior’, ‘liking system’).

Investeringsgedrag is zelfbelonend zodat het volgehouden wordt

Het eerste gedrag, ‘investeringsgedrag’, moet door een dier vaak langdurig uitgevoerd worden, voordat een beloning uit de omgeving verkregen wordt. Het tweede gedrag, ‘verwervingsgedrag’, gaat direct gepaard met een uit de omgeving verworven beloning. Bijvoorbeeld:  investeringsgedrag ‘jagen’, moet soms over kilometers of uren worden volgehouden, voordat de jacht succesvol is en verwervingsgedrag ‘eten’ kan plaatsvinden. Om te zorgen dat het investeringsgedrag lang genoeg wordt uitgevoerd (zonder dat het direct succesvol is) heeft de natuur een foefje bedacht. Juist dit verwervingsgedrag is (van zich)zelf belonend. Het voelt goed om lekker te rennen, om ergens op te focussen, om als dier de ‘spanning van de jacht’ te ervaren: het is zelfbelonend. Daardoor wordt het gedrag lang genoeg volgehouden, om tot het binnenhalen van die andere beloning, het eten, te leiden.

Er is een theorie die stelt dat dit ‘foefje’ helpt om als dier in te schatten of de investering (de energie die het vraagt om de jacht aan te gaan en vol te houden), opweegt tegen wat het gaat opleveren (de energie die je er uiteindelijk mee kunt verwerven). Wanneer deze balans positief is, ervaar je als dier een goed gevoel.

Zelfbelonend gedrag reflecteert een behoefte die onafhankelijk is van de omgeving

De natuur heeft het mooi geregeld. Maar dat heeft een prijs. Het slimme foefje van zelfbelonend gedrag zit zo ingebakken in het dier, dat het een noodzaak kent tot het uitvoeren ervan. Ongeacht de omgeving van het dier en ongeacht zijn lichamelijke staat, is er behoefte aan het uitoefenen van bepaald gedrag. Een hond die genoeg voer krijgt van zijn baas, heeft toch behoefte aan het uitvoeren van bepaalde elementen van het jachtgedrag. Denk aan het gebruiken van zijn neus om iets te vinden (vergelijkbaar met foerageren), het afleggen van lange afstanden (vergelijkbaar met een duurjacht), het vangen/pakken van iets.

Bekijk zelfbelonend gedrag als een uitdaging van - en met - je hond

Juist daarom mag je zelfbelonend gedrag nooit afdoen als iets wat je simpelweg in de kiem moet smoren. Aan ons dierhouders de schone taak om deze behoeften, op een maatschappelijk acceptabele en door ons gewenste wijze, in te laten vullen door de hond. Doen we dat niet of onvoldoende, dan is de kans groot dat het welzijn van de hond  op de lange duur wordt aangetast en dat deze misschien zelfs abnormaal gedrag gaat tonen. Omdat het investeringsgedrag dan via een andere weg de kop opsteekt en zijn weg vindt. Bekijk zelfbelonend gedrag dus als een uitdaging… om je hond te bieden wat hij nodig heeft en móet doen, op een manier die voor iedereen goed is.

Terug naar nieuwsoverzicht