Reactie minister van Justitie op rapport over dierenhoudverbod stemt hoopvol

10 maart 2016

De Koninklijke Hondenbescherming is blij met de reactie van minister van der Steur van Veiligheid en Justitie op het rapport over het dierenhoudverbod van Bureau Beke. Uit het rapport komt naar voren dat het houdverbod nauwelijks wordt opgelegd aan veroordeelde dierenmishandelaars. Dit komt onder andere omdat het rechtsmiddel onvoldoende bekend is bij justitie en de rechtspraak. Mocht het bekend zijn en worden opgelegd dan blijkt in de praktijk dat er te weinig nadere afspraken worden gemaakt tussen de verantwoordelijke instanties over wie toeziet op handhaving van het verbod. Verder blijkt dat de handhaving ernstig wordt bemoeilijkt, omdat niet afdoende wordt geregistreerd aan wie het houdverbod is opgelegd.

Al met al een hoop verbeterpunten waar de minister aan wil gaan werken. Verder geeft de minister aan het onwenselijk te vinden dat het dierenhoudverbod alleen als een bijzondere voorwaarde bij een (deels) voorwaardelijke straf kan worden opgelegd. Na de tenuitvoerlegging van de straf kan de dierenbeul immers weer dieren gaan houden. Het houdverbod was immers als voorwaarde verbonden aan de hoofdstraf. Die situatie moet naar de mening van de minister verbeterd worden. Minister van der Steur wil dan ook dat het verbod op het houden van dieren als een zelfstandige straf of maatregel kan gaan gelden.

De Koninklijke Hondenbescherming dringt al geruime tijd aan het houdverbod als een zelfstandige straf of maatregel in te voeren. De toezegging van de minister is verheugend!

Meer lezen: http://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2016Z04414&did=2016D09148

http://www.telegraaf.nl/binnenland/25313568/__Houdverbod_vaker_toepassen__.html

Terug naar nieuwsoverzicht