Geluk zit niet in genen - column

6 januari 2016

‘Wat vinden jullie van het klonen van honden? Is het niet mooi dat iemand zijn geliefde hond kan laten namaken? En IVF. Dat dat nu kan bij honden. Prachtig toch, dan kunnen al die zeldzame rassen met IVF verder geholpen worden.’

Soms zijn wij geen leuke partij om te interviewen. Wij vinden het allemaal niet zo fantastisch als de journalisten die ons enthousiast vragen stellen. Wij vragen ons meteen af, wat de hond nu eigenlijk wil.

En we weten het antwoord al: een kans op een leven in welzijn. 

Geluk zit niet in genen. En toch wel.

Honden vragen niet om klonen of IVF. Ze vragen om een match van hun erfelijk materiaal, hun genen, op de wereld waarin ze leven. 

Ooit leefden we in een tijd dat honden vooral gekozenen werden op wat ze voor ons konden betekenen. Dat waren geen gouden tijden. Honden moesten presteren en kregen - net als veel mensen - net genoeg eten en rust om in leven te blijven. Maar er zaten voordelen aan deze tijd.

 Een hond was namelijk van een bepaald type vanwege zijn werk. Een herdershond was herder vanwege het vee, niet vanwege zijn uiterlijke kenmerken. Een terriër, terriër vanwege zijn jacht onder (en boven) de grond. Een pointer was pointer omdat hij veerwild aanwees. Uiterlijke kenmerken, anders dan functioneel, deden er niet toe. Een goede hoedende hond werd met een andere goede hoedende hond gekruist. En die kregen goed hoedende puppies. Hoe de ouderdieren eruit zagen. Dat maakte niet uit. Al waren ze groen, geel of pimpelpaars..

Vroeger was niet alles beter. Maar van de geschiedenis kunnen we wel leren. Gedrag en gezondheid zouden ook nu leidend moeten zijn, bij het fokken van honden. Misschien wel juist nu. In deze tijd van meer focus op en ruimte voor welzijn. Gedrag en gezondheid. Niet de kleur van een ras dat nauwelijks kan ademhalen. Niet de uniciteit van een groep honden die door inteelt wordt geplaagd. Niet het belang van de mens om iets ‘opvallends’ aan de lijn te hebben.

Natuurlijk: gewenning, socialisatie, opvoeding, gezond eten en bewegen, ze spelen stuk voor stuk een belangrijke rol voor een hond om gelukkig te zijn. Maar de juiste visie op het geluk dat genen kunnen brengen, geeft een betere start. Als we gedrag en gezondheid, en dus een fijne match van genen en omgeving, voorop stellen, dan hebben we klonen en IVF echt niet nodig.

 Althans niet voor de hond.

Terug naar nieuwsoverzicht