Oogappel - onderzoek onder de loep

18 april 2015

Hoera! Nieuw onderzoek over honden en de kranten staan er vol mee. Nieuw onderzoek is altijd leuk! Toch?

Behalve als de krantenkoppen menig hondengedragsdeskundige direct de kriebels geven:
- Hond in de ogen kijken zorgt voor sterke band (Metro)
- Oogcontact zorgt voor de bijzondere band tussen mens en hond (RTL Nieuws)
- Zo krijg je een sterkere band met je hond (…) Heel eenvoudig, zo blijkt: door elkaar in de ogen te kijken. (Het Belang van Limburg)
- Sterke band met je hond? Kijk hem in de ogen (Het Nieuwsblad)

De vertaalslag van wetenschap naar praktijk is vaak een uitdaging

Dat blijkt ook uit bovenstaande krantenkoppen, waarin een risico schuilt: een weekend vol honden die in de ogen gestaard worden. Met als gevolg mogelijk een aantal extra consulten voor de hondengedragsdeskundigen, die liever op een andere wijze hun klandizie uitbouwen. Voor veel honden is aangestaard worden namelijk geen pretje en voor sommige zo bedreigend dat ze getriggerd worden zichzelf te verdedigen.

Is dit onderzoek met die “wetenschap” in tegenspraak?

Nee, dit onderzoek gaat er namelijk helemaal niet over of de hond het prettig vindt om aangekeken te worden. Nu.nl heeft de kern van het onderzoek beter samengevat in de kop “Mens hecht zich op zelfde manier aan hond als aan baby”.

Want het onderzoek, van een Japanse groep (http://www.sciencemag.org/content/348/6232/333.full.pdf), geeft inzicht in de invloed van oxytocine op de band tussen mens en hond. Oxytocine staat bekend als het “knuffelhormoon”. Hoewel het een complexe rol speelt in sociale contexten, geeft deze naam wel een goed “gevoel” bij het hormoon. Want dat is precies wat het hormoon doet: een goed gevoel geven, door “sociale beloningen” te vergroten en stress te verlagen. Oxytocine speelt een belangrijke rol bij het opbouwen van de band tussen moeder en kind.

Knuffelhormoon blijkt ook van invloed tussen soorten, niet alleen binnen een soort

De Japanse groep levert bewijs dat dit knuffelhormoon ook tússen soorten een rol kan spelen, namelijk tussen mens en hond. Heel bijzonder en iets wat veel hondenliefhebbers gevoelsmatig direct kunnen plaatsen.

Helaas is daar dan echter de vertaalslag van het onderzoek naar het oog van een “gewone lezer” van een (al dan niet digitale) krant. Als hij of zij enkel meekrijgt dat de “liefde van de hond via het oog gaat” (Trouw), mist hij niet alleen de kernboodschap van het onderzoek. Hij of zij kan ook nog eens foutief denken dat hij zijn hond een plezier doet met (al dan niet langdurig) aankijken. En dat is nu net niet het geval.

Aankijken van mens, niet van hond

De studie is namelijk nadrukkelijk uitgegaan van het kijken van de hond naar de mens. En dus niet andersom. Bij de onderzoekspersonen bleek dat aangekeken worden door hun hond leidde tot meer aanmaak van het knuffelhormoon bij deze mensen. Dat leidde er vervolgens toe dat de mens meer relatiebevorderend gedrag richting de hond toonde (waarbij kijken van mens naar hond niet werd meegenomen)  en dat gaf dan weer hogere knuffelhormoonspiegels bij de hond.

 Het initiatief tot kijken lag dus bij de hond en het was de mens die aangekeken worden “waardeerde” (in elk geval in hormonale zin). Dat lijkt misschien een klein detail, maar kan een wereld van verschil maken voor de hond.

Wij hopen maar dat de lezers van de krantenkoppen het weekend met uitsluitend een zachte en verwonderde blik hun honden aankijken, vanuit hun ooghoek. Dat ze beseffen hoe bijzonder de band is met de hond, zoals dit onderzoek ook bewijst. Maar dat de “band met de hond” voor de “blik” komt en dat starende blikken onze oogappeltjes geen recht doen.

Terug naar nieuwsoverzicht