Houdverbod voor diermishandeling moet er komen!

23 juni 2014

Vandaag heeft de Koninklijke Hondenbescherming de Vaste commissie voor Economische Zaken gevraagd om bij de staatsecretaris te informeren naar de voortgang inzake een dierhoudverbod voor dierverwaarlozers/mishandelaars. Dit in aanloop naar het algemeen overleg ‘Dierenwelzijn’ op 3 juli.

Een houdverbod als zelfstandige straf of maatregel is noodzakelijk. De huidige wetgeving biedt de mogelijkheid om een houdverbod op te leggen als bijzondere voorwaarde bij een (deels) voorwaardelijke veroordeling voor een periode van maximaal 10 jaar. Het probleem bij het houdverbod als bijzondere voorwaarde bij een (deels) voorwaardelijke straf is dat de voorwaarde komt te vervallen bij de tenuitvoerlegging van de hoofdstraf. Een overtreder kan er dan voor kiezen de voorwaarde te overtreden. Het gevolg daarvan is dat hij zijn voorwaardelijke straf moet uitzitten, zijn voorwaardelijke taakstraf alsnog moet voldoen of de voorwaardelijk opgelegde geldboete moet gaan betalen, waarna hij vervolgens weer dieren kan gaan houden met alle mogelijke gevolgen van dien. Dit is in onze ogen een zeer onwenselijke situatie. Het houdverbod is immers niet voor niets opgelegd en moet niet zomaar verdwijnen als zich bepaalde omstandigheden voordoen waarvan het afhankelijk is gesteld. Het voordeel van een zelfstandig houdverbod is dat het niet afhankelijk is van de verwezenlijking van de gestelde voorwaarde.

Al in 2012 is door toenmalig staatssecretaris Henk Bleker aan de Tweede Kamer toegezegd dat een houdverbod als zelfstandige maatregel mogelijk gemaakt zou kunnen worden. In de optiek van de Koninklijke Hondenbescherming is het meer dan tijd dat de daad bij het woord wordt gevoegd in het belang van de samenleving, maar vooral de dieren.

Download hier de brief inzake Houdverbod (46,7 KB)

Terug naar nieuwsoverzicht