Erfelijke problemen bij de hond – hoe zit het?

18 maart 2014

De laatste jaren is er veel te doen over rashonden en hun gezondheid. Die aandacht is terecht. Honden zijn namelijk lang niet zo gezond als ze zouden kunnen zijn. En dat veroorzaakt veel hondenleed.

Wat is er nu eigenlijk aan de hand? En wat kunt u doen?

De problemen

De meeste honden hadden vroeger een bepaalde functie. Op die functie werden ze geselecteerd. Gezonde honden deden hun werk beter dan ongezonde honden. Daardoor werd juist met die honden meer gefokt. Tot mensen meer en meer de hond op het uiterlijk gingen kiezen. Men vergat het karakter en de gezondheid en wilde nu vooral een ‘mooie hond’. Daardoor kregen erfelijke problemen de kans om te ontstaan. De problemen zijn te verdelen in twee categorieën: die van schadelijke raskenmerken en erfelijke aandoeningen.

Sommige uiterlijke kenmerken maken het de hond moeilijk Schadelijke raskenmerken

Schadelijke raskenmerken zijn uiterlijke kenmerken die wij als mensen aan een hondenras hebben gegeven, maar die voor de hond schadelijk zijn. Denk aan een korte, gedrongen neus waar de hond slecht door kan ademhalen. Rennen, warm weer, spel, het maakt de hond ‘hondsbenauwd’. Of denk aan een huid met veel plooien. De plooien maken dat er te weinig lucht bij de huid komt. Bacteriën en schimmels vinden dit vaak een heerlijke omgeving. Resultaat voor de hond: jeuk en irritatie. Andere voorbeelden zijn extreem korte poten of een heel klein kopje. Dit kan voor de hond lijden tot veel pijn.

Een hond zou niet mogen lijden, omdat wij als mens iets ‘mooi’ vinden.

Erfelijke aandoeningen

Erfelijke aandoeningen zijn aandoeningen die ‘per ongeluk’ in een ras of type hond terecht zijn gekomen. Doordat ouderdieren de aandoeningen hadden, hebben hun nakomelingen deze ook gekregen. Doordat er door de jaren heen met een beperkt aantal ouderdieren is gefokt, zijn er nu veel dieren die de aandoeningen hebben.

Het is van groot belang dat bovengenoemde problemen snel worden aangepakt. Ze veroorzaken namelijk veel leed voor honden.

Wat kunt u doen?

Of een hond gezond is, wordt voor een groot deel bepaald door wat hij van zijn voorouders meekrijgt. Zijn de voorouders gezond, dan is de kans groter dat een nakomeling ook gezond is. Wilt u een hond aanschaffen? Kies dan voor een hond die qua bouw goed kan lopen, ademhalen, zien, etc. Vermijd rassen die extreem zijn qua uiterlijk. Extreem lange oren, extreem platte neuzen, extreem veel huid, extreem groot, extreem klein. Misschien vindt u het mooi. Echter, u wilt niet dat uw hond lijdt. Gun hem een gezond en ‘normaal’ lijf.

Vraag daarnaast goed na of de ouderdieren van de hond die u kiest, getest zijn op ziektes die in een ras of type hond veel voorkomen. Verdiep u hier goed in en vertrouw niet alleen op een ‘natuurlijk zijn de ouderdieren gezond’ van de fokker van uw keus. Zoek uit welke aandoeningen voorkomen bij het type hond dat u kiest. Vraag bewijs van testen op deze aandoeningen.

Kiest u voor een wat oudere herplaatser, dan geeft u niet alleen een dier een tweede kans. U heeft dan ook het voordeel dat u deze bij een dierenarts kunt laten nakijken op aandoeningen.

De koper bepaalt

Het is belangrijk dat u beseft dat u als koper van een hond bepaalt welke honden gefokt zullen worden. Wanneer er vraag is naar gezonde honden, zullen er meer gezonde honden gefokt worden. Nu kiezen veel mensen nog een hond op enkel het uiterlijk. Terwijl de keuze gebaseerd moet zijn op gezondheid en fijn gedrag. Dat maakt immers of een hond een goede kameraad zal zijn en een fijn leven kan hebben in onze samenleving.

Uw invloed is dus bepalend! Zelf meer inzicht krijgen in wat een hond (on)gezond maakt? Of een kind daarbij begeleiden? (Zij hebben immers de toekomst!) Download dan gratis de Gezonde hond App voor iPad of Android tablets (hij is te zwaar voor telefoons, alleen voor tablets dus).

Terug naar nieuwsoverzicht