Dierenhoudverbod als zelfstandige straf of maatregel bij recidive van dierenmishandeling

20 januari 2014

Helaas wordt onze Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG) nog zeer regelmatig geconfronteerd met meldingen van mishandeling en verwaarlozing van honden. Bij dit soort meldingen komt het vaak voor dat de persoon in kwestie zich al eerder schuldig heeft gemaakt aan dierenmishandeling en/of verwaarlozing. Deze personen blijken dus keer op keer niet in staat om verantwoording te dragen voor de verzorging van hun huisdier. Indien deze persoon zich voor de rechter moet verantwoorden, kan de rechter op grond van de huidige wetgeving deze persoon een houdverbod opleggen als bijzondere voorwaarde bij een (deels) voorwaardelijke veroordeling voor een periode van maximaal tien jaar.

Het probleem echter bij het houdverbod als bijzondere voorwaarde bij een (deels) voorwaardelijke straf is dat de voorwaarde komt te vervallen bij de tenuitvoerlegging van de hoofdstraf. Een overtreder kan er dan voor kiezen de voorwaarde te overtreden dus door weer dieren te gaan houden, hetgeen niet mocht. Doordat hij weer dieren is gaan houden, moet hij de hoofdstraf (bijvoorbeeld een taakstraf of geldboete) voldoen. Is de hoofdstraf (taakstraf of geldboete) voldaan dan staat de dierenbeul niets meer in de weg om weer dieren te gaan houden, met alle mogelijke gevolgen van dien. Dit is in onze ogen een zeer onwenselijke situatie. Het houdverbod moet niet zomaar verdwijnen als zich bepaalde omstandigheden voordoen waarvan het afhankelijk is gesteld.

Dat vond ook de politiek. De toenmalige staatssecretaris van Landbouw, Henk Bleker, deed daarom de toezegging om een houdverbod als zelfstandige straf of maatregel op te leggen bij recidivisten van dierenmishandeling. In tegenstelling tot een houdverbod als bijzondere voorwaarde is een zelfstandig houdverbod niet afhankelijk van het verwezenlijken van een bepaalde voorwaarde.

Helaas is tot op heden nog altijd niet de daad bij het woord gevoegd. Gezien het recente overleg dierenwelzijn in december van het vorig jaar waarbij het dierenhoudverbod wederom ter sprake kwam, heeft de Koninklijke Hondenbescherming de huidige staatssecretaris, Sharon Dijksma, een brief gestuurd. In de brief wijzen we de staatssecretaris op de gedane toezegging van haar voorganger en geven we aan dat diverse Europese landen al een houdverbod als zelfstandige straf of maatregel kennen.

Met het wijzen op eerder gedane beloften en op de noodzaak van een dergelijk houdverbod, hopen we dat het onderwerp daadkrachtig wordt opgepakt.

Geïnteresseerd naar de volledige brief? Klik dan hier. (819,2 KB)

Terug naar nieuwsoverzicht