Hondenbelasting in strijd met gelijkheidsbeginsel

28 januari 2013

Een omstreden belasting die regelmatig onderwerp van gesprek is, is de hondenbelasting. Zeer recent nog hebben wij onze mening over deze belasting gegeven. Nu doet het Gerechtshof Den Bosch ook van zich spreken op dit onderwerp. Het Hof oordeelt namelijk dat de hondenbelasting die de gemeente Sittard-Geleen heft in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Het Hof stelt vast dat de gemeente Sittard-Geleen de hondenbelasting heft ter verkrijging van inkomsten voor de algemene kas. De gemeente heft de hondenbelasting dus niet als bestemmingsbelasting, waarbij de gelden worden aangewend voor het te voeren hondenbeleid.

Het Hof oordeelt dat een gemeente de hondenbelasting wel kan heffen voor het spekken van de algemene kas, maar dan alleen onder de volgende voorwaarden: 
- De kosten die het hondenbezit voor de gemeente met zich meebrengt moet van wezenlijke betekenis zijn voor het heffen van de hondenbelasting;
- De hoogte van de belasting moet mede zijn afgestemd op die te maken kosten, waarbij het niet nodig is dat de gehele belastingopbrengst wordt aangewend om die kosten te dekken.

Daar de gemeente Sittard-Geleen niet aan de genoemde voorwaarden voldoet, acht het Hof het niet redelijk dat hondenbezitters meer moeten bijdragen aan de algemene middelen van de gemeente dan niet-hondenbezitters. Dit, aldus het Hof, is in strijd met het gelijkheidsbeginsel. De Verordening hondenbelasting is daarmee onverbindend en de aanslag hondenbelasting moet worden vernietigd.

De Hondenbescherming is benieuwd naar de mogelijke precedentwerking die deze uitspraak kan hebben voor de overige hondenbelastingheffende gemeenten.
Klik hier voor de volledige uitspraak (en dan vanaf rechtsoverweging 4.11)

Terug naar nieuwsoverzicht